zaterdag 16 april 2011

Pelle, Lila en de loco.



Bij CSL (maar niet alleen daar, natuurlijk) is het heel belangrijk dat je gebruik maakt van de motivatie van je kind. Je sluit aan bij zijn belangstelling. Hieronder vind je een stukje uit het speelverslag van Lila, dat heel mooi laat zien hoe creatief zij inspringt op Pelle’s vasthoudendheid om die middag miniloco te spelen in een hoekje van onze woonkamer. De doelen waaraan we werken zijn samen spelen, doen-alsof en rollenspel leren en emoties introduceren. Je ziet hoe goed het Lila lukt om ze terug te laten komen in het spel.

Vol enthousiasme begon Pelle aan de loco. In het begin mocht ik absoluut niet meedoen. Ik wilde de nummertjes aangeven en zei dat ik hem zo hielp en dat we het dan samen deden. ‘Nee, vandaag is het geen hulpjesdag’ zei Pelle. Dus ik keek toe en juichte bij elk nummertje dat hij goed legde. Pelle was gedreven, vooral ook om steeds als het klaar was te kijken of het goed was. Ik bevestigde hem steeds! Hij deed het alleen maar wilde het graag aan mij laten zien en zocht ook steeds contact.
Aangeven.
Na een tijdje gaf ik hem de nummertjes aan en liet hij dit toe. Even later vroeg hij mij om hem te helpen want hij ging er nu één doen die heel moeilijk was, die had hij nog nooit gedaan. Pelle las steeds de zinnetjes bovenaan de kaarten, in lettergrepen. Toch hoefde ik niet veel uit te leggen en had ik het idee dat hij het goed begreep. Knap hoor! (o.a. wat is er weg, wat hoort bij elkaar, wat is gelijk). Het lukte niet allemaal, maar het meeste ging heel goed.
Verstoppen en toveren.
Daarna verstopte ik een nummertje in een van mijn handen, Pelle raadde dan in welke hand het nummertje verstopt was. Hij vond het leuk en verstopte zelf ook nummertjes in zijn handen. Tussendoor deden we weer loco. Vervolgens verstopte ik de loconummertjes achter mijn rug en Pelle raadde dan waar het nummertje verstopt zat. Ik toverde het nummertje dan tevoorschijn. Het werd een heel ritueel met een echte toverspreuk: hocus pocus pilatus pas… als laatste blies ik dan in mijn handen, deed ze open, en daar was het nummertje. Toen vroeg ik aan Pelle of hij het nummertje wilde toveren en dat deed hij. Soms pakte ik iets anders en dan kwam er plots een boek tevoorschijn. Pelle en ik hadden grote lol. Pelle hield nu ook zelf een nummertje achter zijn rug en dan moest ik het nummertje van hem toveren.
Blij en verdrietig.
Soms koos ik de verkeerde arm van Pelle en was er geen nummertje in zijn hand. Dan speelde ik verdrietig en deed alsof ik moest huilen (en lachte af en toe tussendoor om Pelle op zijn gemak te stellen). Ik vroeg Pelle of hij mij alsjeblieft weer blij kon toveren … en ja hoor Pelle toverde mij dan weer blij. Daarna wilde Pelle dat ik hem blij zou toveren. En hij lachte en glunderde. Ik probeerde hem ook nog verdrietig te toveren maar dat lukte niet, ook niet met een andere spreuk. Even later toen ik weer verdrietig speelde toverde Pelle mij uit zichzelf weer blij!
De dieren.
Daarna gingen we weer verder met de loco. Als er weer een kaart klaar was bekeken we samen het figuur. Bij een van de figuren zag Pelle er weer een vlinder in. (Dat had hij vorige keer ook tegen Lila gezegd.) Hij sprong op de vensterbank. Ik toverde Pelle in een vlinder waarop hij fladderde met zijn armen en ik hem optilde en door de kamer liet vliegen. Pelle vond het geweldig leuk! Vervolgens deden we weer loco… Terwijl we weer loconummertjes toverden, toverde ik mijzelf in een kat, want die hadden we net gezien op een plaatje. Toen toverde ik Pelle ook in een kat. Hij speelde de kat vol overgave. Daarna toverde ik Pelle in een muis en een hondje en een slang. Ik speelde de kat die de muis ging vangen. Pelle vond het erg grappig. Toen toverde Pelle zichzelf in een kat en ik werd een kuiken (haha, hoe speel je dat?) Ik hipte al piepend door de kamer en maakte mijzelf heel klein. Pelle kwam achter mij aan als kat en ging mij pakken, hij sprong echt als een kat met zijn klauwen op mij…. En we gingen weer loco doen. (zucht)
Zorgen voor.
Maar niet voor lang want al snel waren we weer aan het toveren en Pelle toverde mij tot een hondje. Ik blafte en kroop naar hem toe met mijn haren voor mijn ogen. Pelle aaide over mijn kop en streek heel voorzichtig de haren uit mijn gezicht. Hij was even echt helemaal aan het zorgen voor het hondje. Hij keek mij met zijn onbevangen, open gezichtje aan (een bijzondere magie) en zei: ‘je vindt het fijn hè’. Zo schattig, dit was voor mij de parel! Daarna gingen we weer verder met de loco en kwam zijn vader aangereden. Pelle wilde vanaf dat moment alles aan zijn vader laten zien (loco). We hebben nog wel verder gespeeld maar de aandacht was weg.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten