donderdag 15 mei 2014

Grenzen verleggen.


Toen ik een jaar of 24 was, heb ik rijles genomen. Mijn afstuderen zat er aan te komen en misschien had ik voor mijn toekomstige baan wel een auto nodig.
Het rijden was nog niet zo eenvoudig. Als fietser was ik gewend om overal snel en makkelijk tussendoor te glippen maar in de auto bleek dat heel anders: ik moest veel voorzichtiger zijn en het verkeer op een heel andere manier leren inschatten. En dan ook nog veel meer handelingen tegelijkertijd uitvoeren. Pas na 6 keer examen doen kreeg ik mijn rijbewijs.
En toen kreeg ik een baan in de stad, waar ik naar toe kon lopen, als ik wilde. En datzelfde gold voor Mark. We hadden geen auto nodig. Mijn volgende baan, 30 km verderop, kon ik prima met de bus bereiken. Toen we later naar de randstad verhuisden was er nog steeds geen noodzaak voor een auto. Mark ging op de fiets naar zijn werk en ik met de trein.
Op een dag kregen we echter een mooi aanbod van een vriendin: we konden voor een zacht prijsje haar auto overnemen. Toch wel makkelijk, want overal met openbaar vervoer naar toe ging ons tegenstaan.
Ik had inmiddels in zo’n 10 jaar niet meer achter het stuur gezeten. Mijn enige rijervaring waren de lessen van toen.  Ik durfde niet te rijden. Mark reed ons overal naar toe en de auto stond soms wekenlang ongebruikt voor de deur. Ook toen Pelle geboren werd kwam daar weinig verandering in. Ik deed een paar zwakke pogingen om te chaufferen, maar zette niet echt door.
Na 11 jaar randstad verhuisden we naar een dorp in Drenthe. Pelle was anderhalf en heel langzaamaan ben ik weer gaan rijden. Eerst hele kleine stukjes in het dorp. Naar de speel-o-theek. Naar de supermarkt. Naar de garage. Naar een dorp in de buurt. Op de snelweg, met Mark naast me. Op de snelweg zonder Mark. Wekelijks naar zwemles, toen Pelle een jaar of 6 was. Soms was ik erg zenuwachtig. Totdat ik me op een dag, onder onze carport, realiseerde dat ik dat gevoel wel kon dragen. Dat was ineens een heel helder inzicht.
Rijd ik nu overal zorgeloos naar toe? Nou, nog niet helemaal. Maar mijn actieradius is inmiddels enorm vergroot en ik zit meestal met plezier achter het stuur, zelfs op de snelweg.
En soms zijn er momenten dat ik het toch nog weer spannend vind. Ik heb er een hekel aan om ’s avonds te rijden. En ik vind het ook eng om te tanken. Ja, echt. Mark wilde het gisteravond voor mij doen, maar dat vond ik geen goed idee. Ik heb het vanochtend zelf gedaan. Ik wil mijn grenzen blijven verleggen. Omdat het me uiteindelijk veel meer vrijheid geeft. Omdat zenuwen dragelijk zijn. Maar ook omdat ik me verplicht voel tegenover Pelle. Ik stimuleer hem immers ook heel vaak in het verleggen van zijn grenzen. Dan moet ik het zelf ook doen.

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten